Skip to content
1800

De vrolyke zee-lieden, verheugd over de vrye zeevaart

Anoniem

3

Maar ziet doch voor de eerste keer. Was het al mis, ik kreeg geen Vis, Ik moest nog eens een Wurmpje wagen, Ik fmeet myn Dobber Snoer wilt hooren,

Vry wat dieper als te vooren, Met een zo als ik Henglen lag, Jufvrouw wierd wakker en my aanzag, Wat doet gy daar, Wat doet gy staar, Vroeg zy den Hengelaar.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.