Skip to content
1800

De vrolyke zee-lieden, verheugd over de vrye zeevaart

Anoniem

3.

Als men dan komt in vreemde landen / Daar is een Zeenman hoog geacht / Zo wel by hooge als laage standen / Veel meer dan ooit den landman slagt Ik laat my door Nepthunis geleiden / Zyt vergenoegt en bly te moe / 'k Zal nimmer van de Zee afscheiden / Maar vaaren tot 't eind myns leevens toe / bis.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.