Op een Aangenaame Wys. 1. Ik kwam ‘er laast gaan het Voorhout in, Daar vond ‘k een mooy meisje na myn zin, Ik sprak haar aan met zoete reden Of zy met my ter wandel wou treeden? Ik sprak haar aan met goed fatzoen, Of zy met myn een wandeltje wou doen.
2. Zy sprak Jonkman ik ben met u te vree, Alwaar gy gaat daar gaan ik met u mee, Doen zyn wy wat zoetjes gaan praaten, Zeer wel te vree al door de lange straten, Zy sloeg daar de handen in malkaar, Om een flesje te kopen, ’t zy hier of daar. 3. Zy kwamen voor een Waardinnetje haar huis, Zonder te maken een groot gedruis, Zy klopten daar al aan de deure, De Waardinnne die kwam zelver veure, De Waardin die sprak na onze zin, Zy zei Jonkman komt ‘er maar in. 4. Deze Waardin die voerde haar reên, Was met dit paar zeer wel te vreên, Sprak ik heb Kamertjes na de mode, Zoo wel van agteren als van vooren, Ik heb nog Kamertjes voor ’t gezigt, Zoo wel voor den donker als voor ’t ligt. 5. Het Meisje dat zy tapt ons een flesje wyn Maar het moet van de alderbeste zyn, Zy hadden pas een flesje gedronken, Het eene was niet leeg, of ’t ander ingeschonken, Zy hadde pas een flesje gedaan, Zy kregen in haar hooft, za dat zy moesten gaan. 6. Zy spraken tot malkaar laat ons gaan, Want wy hebben nu met drinken gedaan Zy lieten daar de Waardin toen halen, Zy vroegen hoe veel zy moesten betalen
De Waardin sprak met een zoet geluit Zes-en-dertig stuivers en een dubbeltje beschuit. 7. Zy haalden daar haar Geldbeurs uit, Zy maakten zamen uit, elf stuivers en een duit De rest zullen wy wel komen betaalen Als wy weer een flesje komen halen, Gelooft ons maar op ’t woord van eer Misschien komen wy dan morgen wel weer. 8. De Waardin die wierd zo boos en kwaat En zy wat let me of ik gooije op straat Gy zult eerst uw Gelag betalen, Of de Duivel die zal u halen, Anders dan moeten u Rokken uit, Een schop voor u gat en de deur dan maar uit. 9. Oorlof Jonkmans tot een besluit, Als gy gaat met een Meisje uit, Wilt uw zak voorzien van schyven, Dan hoeft gy geen kaale neet te blyven, Anders moet ‘er jou Rokje uit, Voor zes en dertig stuivers en een dubbeltje beschuit.
Cookies on Poetry Cove