Skip to content
1791

De vrolyke schoorsteenveeger

Anoniem

Op een Aangenaame Vois. 1. Een schoon Kind van vyftien jaaren, Vlugte van haar Ouders af, Toen zy in de vesper waaren, En ontliep haar met een draf, Haal op, laat neer, werk voort, Laat vry de beezem kraaken, Myn arme Meid waar vlugt gy heen,

De wolf verslint u tot op ’t been, Men veegt rondom alhier aldaar, Dan is de Schoorsteen kant en klaar. 2. Toen zy was op weg gekomen, Eene ryke Heer aldaar Heeft haar in zyn Koets genomen, En zy reede met malkaar, Haal op, laat neer, werk voort, Dan komt van zulken zaken, Myn lieve meid als jy zo driftig ryd, Legt g’om ver in korte tyd, Men veegt rondom alhier aldaar; Dan is de Schoorsteen kant en klaar. 3. Op ’t eind van ‘t jaar gekomen, Barste hier iets anders uit, Heeft men in het dorp vernoomen, En toen zong men overluit, Haal op, laat neer, werk voort, Laat vry de Bezem kraaken, Het myzie dat haer huis ontvlugt, Wagt u voor diergelyke klucht, Men veegt rondom alhier aldaar, Dan is de Schoorsteen kant en klaar.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De vrolyke schoorsteenveeger · Anoniem · Poetry Cove