Skip to content
1788

De vrolyke prinsman, zingende allerhande nieuwe liederen

Anoniem

Een nieuw lied, ter eere van Prins Willem de Vyfde, en zyne Koninglyke Gemaalinne. Op een aangenaame wys.

1. Gy Menschen altesaem / Looft nu den Heer zyn Naem;

En weest verblyd / bis Dat onze lieve Prins / Is door des Heeren gunst / Getreeden op zijn Troon / Met blyde toon.

2. Sofia zijn Princes / Wierd als een Landgodes; Al binnen Schravenhaeg / Onthaelt zeer graeg / Het Volk was verblijd / Riepen met vollen vlijd / Lang leefd ons lieven Prins; Het is den Heer zijn gunst.

3. Het Volk riep hoeze / Ook Vrouw en Kinders mee; En waer verheugd / bis. Zelfs het Pluimgediert / Dat op de Boomen zwiert; Zongen met luider keel / Met zoet gestreel.

4. Al wat op Aerde leeft / En in den Hemel zweeft / Is nu verblijd / bis. Zelfs de Nagtegael / Die met zijn zoete tael Ook mee die blydschap viert Met al zijn pluimgediert.

5. Op Dorpen en Stee Ziet men de blydschap mee / Een ieder ilmeneerd / bis. Men ziet de Bogaerds staen Met veelerleye blaen / Een ieder is verblyd In deeze tijd.

6. Het heugt my nog die dag Dat ik zijn Hoogheid zag / Hoe dat hy wierd onthaeld / En hoe zijn glorie praeld; Het volk was verheugd / En riepen met geneugt / Lang leeft zijn Hoogheid dan / En de Oranje-stam.

7. Ik wensch hem veel jaer / Dat hy zonder gevaer / Mag leeven naer zijn zin / Met zyne Gemaelin; Lang leeft de waerde Pruys / Dat hy weder te huis Mag komen / Potsdam in / By zijn Koningin.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.