Skip to content
1788

De vrolyke prinsman, zingende allerhande nieuwe liederen

Anoniem

Een nieuw lied, ter Verjaaring van Zyne Doorl. Hoogheid, Willem de Vyfde, Prins van Oranje en Nassau, enz. Stem: Wel waar of Rozalinde blyft.

1. Triumph! myn dierbaar Vorst en Heer Daar elk thans op deez' tyd, De vreugd beroond, gelyk wel eer, En roept t'zaam' verblyd: Lang leef onze braave Vorst! Met zyn Doorluchtig Huis,

Die ons van dwing'landy verlost, En ander drukkend kruis.

2. Lang leef der braaven Toeverlaat; Lang leef dat Achtbaar Hoofd! Tot heil van Neêrlands Vreyje Staat, Nooit moet hy zyn beroofd Van eenig heil, op deeze aard, Daar elk thans wenscht met my: Leef braave Willem, lang gespaard; Vorst van het Roemryk Y.

3. God schenkt uit goedheid zonder peil: Myn Vorst op deezen dag, Aan u, het allerwenschelykst Heil! Daar gy weer vieren mag, U huichelykst Geboorte uur; Dat geeft ons zingens stof, En schenkt die u bemind thans vuur Te dichten tot u lof.

4. Daal Jesus uit den Wolk'ren boog Stort heil en zegen neêr; Bewaak hem met u Goddelyk oog, Waakt voor de Vryheids speer. Waak voor hem die gy veertig Jaar, Deez' dag aanschouwen doet, Dat hem geen onheil weedervaar; Maar leefd voor ramp behoed.

5. U naam, ô God van Nederland, Zy daar voor eeuwig d'Eer! Gelyd myn Vorst langs 's werelds strand, Weest gy zyn Borg en Heer: Tot dat de grysheid hem bekroond, De Godvrucht hem versierd,

Hy na zyn dood by Jesus woond, Daar eeuwig zegen vierd.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.