Op een Nieuwe Voys.
ACh waarde Cloris die 'k bemin,
Ach wilt voor mijn niet langer vlugten,
Gy doet uw waarde Minnaar zugten,
Hou stand uw zoet Ziels-voogdin,
Maar neen! zy vlugt en wil niet hooren.
En volgt de Wreedheyd van een Maagt,
Daar Phebus nog om treurd en klaagt,
Nog eens hou stand ô Uytverkooren.
Ach Cloris wilt geen Dafne zijn,
Bent gy een Nero? ik Leander,
'k Min u alleen, en noyt geen ander,
Uw afzijn baard mijn niet als pijn,
Help Goon! mijn Lief is al geweeken,
ô Cupido! zend haar een Schigt,
Die niet als Gloeynde Vlamme stigt,
Op dat zy van uw kragt kan spreeken.