Skip to content
1659

De Nieuwe Haagsche Nachtegaal

Anoniem

Toon: De Mey die komt, &c.

DE Mey die komt 'er ons by // zeer bly, En wijst ons aan de groene zomertijd; Elk beesjen op der aard // dat paart', De Leeuwerk zingt, de Doffer 't Duyfje vrydt, De Visjes in de zee Die minnen 't minnen mee; Hey! waarom stellen wy 't minnen dan uyt, En loopen alleen; Neen suffers loop heen,

Ik hou 't met de bruyd. 2. De Ioffers zijn zonder troef // en droef, Zy zien de vreugd alleen by 't jonge paar: Zie, zoetertjes, 't eenig zijn // baart pijn, Dies weest niet al te spijtig met uw waar. Al benje schoon en wel, De tijd verschoont geen vel, Al ziet men de leely en roos op uw wang, Wanneer u de tijd, Niet gunstig en mijd, Zo duurt het niet lang. 3. Wel volg dan dra // ons bruydje na, Breng haar te bedt, en acht op haren raadt, Zij heeft 'er 't geen u behoeft // geproeft,

En haakt al weer na 't geen dat gy versmaat: Zie daar! de Bruyd wil gaan, Hey Bruyegom blijf niet staan. Daar is 'er een roemer, die geltje voor 't lest, Zijt vroom als een helt, Weest moedig in 't velt, En doet 'er je best. J.v.D.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De Nieuwe Haagsche Nachtegaal · Anoniem · Poetry Cove