Skip to content
1659

De Nieuwe Haagsche Nachtegaal

Anoniem

Stem: Fijtje Floris, mijn Speel-meysje.

SYmen leerje daar voor wachten, Alsje met een dochter praat: Sietse leelijck, siet mee quaedt, Achtse niet die jou niet achten: Denkt ik ben soo goet als ghy; Even goe Maats, even bly.

2. Zoo gy haar begint te smeken, Roemt haar Deugdt en schoonheyts lof, 't Is gedaan, gy benter of: 't Meysje sel haar dan op steeken, Pronken, trots een Grave kindt; Prijst de geen noyt die ghy mint. 3. Staat je leven na geen Rijke, Denkt vry het de Meyt wat goet Datjet veeltijds hooren moet: 'k Wou je mee niet ra'en te kijken Na een Pronkster, of na ien Die al watter beurt wil zien. 4. Soekt een Vryster, wilje trouwen, Die ghy zelden siet op straet, Die niet weyts, maar knapjes gaet, Sulken Vryster, sulcke Vrouwen,

Dat is van het beste slach Daar men jou aan raden mach. 5. Dochters die nou tot haar dagen En zo veer gekomen zijn, Als hier onse Neel en Trijn: Sulke meugjet vryer vragen Dan een jonge Klicke-bil, Die van 't een op 't ander wil. 6. Trouwjer een seer jonck van Iaren, Die gewent is uyt te gaan, Noyt geen Huys-werck heeft gedaan: Siet eens hoejer mee selt varen, Als ghy (mocht het zijn geseyt) Man moet wesen, Vrouw en Meyt.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De Nieuwe Haagsche Nachtegaal · Anoniem · Poetry Cove