Skip to content
1775

De nieuwe Amsteldamsche schouwburg

Anoniem

Op de wys daar de zilvere Waterstroom, ’k Wierd in een’ frisschen morgenstond , Op ’t jeugdig bloemtapyt, Verzeld van schoone Rozenmond, Mild door Natuur verblyd. ’t Was in de Kenmerlandsche streek,

Niet verre van Haarlems Hout, Alwaar haar kristalyne Beek Wierd van ons oog beschouwt. Een plaats die Flora zelf verkoos, En daar zy, opgetooid, Met siersels uit haar marmer doos, Had de aarde mild bestrooid. Een hartverkwikkelyke geur Vervulde ’t Lustprieel, Wijl de oogverlokkenste kouleur Trotseerde’t kunstpenceel. ‘’t Sneeuwwitte Zwaantje zwom verheugd, in Sparens zilver nat, Wijl ’t spartlend Visje, vol van vreugd, Den klaverzoom bespatt’. Wy zagen Melkert by zyn Vee, En landaart by den ploeg, Daar elk van hun in rust en vree, Zijn’ doel naar wensch bejoeg. ’t Gespanne Zeiltje in top gehaald, Wijl ’t Lentewindje blaast, Zag Schippermaat zijn vlijt betaald, Mits ’t Kieltje wierd verhaast. Het zinverrukkend Pluimgediert, Dat in de dunne lugt Op fraai gekleurde wiekjes zwiert, Was ’t Boomryk Bos ontvlugt, En ’t plaatste zig rondom ons heen, Wijl ’t zong zyn Hemelwijs; Zo dat toen onze Lusthof scheen Een Goden Paradijs. In ’t kort, ’t streelde alles onzen zin,

En ’t geen volmaaktheid eysch, Wat dat me elkaer , verrukt door min, Toen gunst op gunst bewees Wy kusten streelende malkaer; Ja ik wierd een Nektarsmaak Van vollen Honigraad gewaar, Waar naar ik eindloos haak. Geen Bed van dons // maar van Kamil, Verkozen wy tot rust? Waarop we ons vlyden zagt en stil, En smaakten lust op lust.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De nieuwe Amsteldamsche schouwburg · Anoniem · Poetry Cove