Skip to content
1775

De nieuwe Amsteldamsche schouwburg

Anoniem

Stem daar de zil’vre Waterstroom. Beminnelijk beeld, vergode Siel, Aardschengel, hemelsch Mensch

Gy, die al lang myn oog beviel, Klimeen, verhoor myn’ wensch, Aanschouw een’ Minnaar, wiens gemoed, De alkweekende Natuur, Har grondig in u hulde doet, En eerbied uur op uur. Mogt gy, in Iunoos heilig dal, Zijn zuivre minnesmart Eens door een’ zoeten hemelbal, Verzagten aan zyn hart! Mogt ik eens met myn Lief klimeen, De streelster van myn’ zin, In Hymens huwlykstempel treen, Triomf! zong dan myn min. ‘k Zag dan herschapen ieder zugt In eenen minnelust; En voor elk klagtje, dat de lugt Thans vult, wierd dan gekust. Dan wierd my Nektar van de Goon In Paf s Heiligdom, Op ’t Lauwren donsbedde aangeboon, Door Venus blyden Drom. Wat zie ik! lagt myne Engelin; o Onuitspreekbare vreugd, Zy lonkt my toe: reeds zingt myn min Triomf, wyl ze is verheugd.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De nieuwe Amsteldamsche schouwburg · Anoniem · Poetry Cove