Skip to content
1800

De lustige nachtegaal

Anoniem

Op een zeer lieffelijke wijs. 1. Men is jaloersch als men gaat paren, Voor jonge lieden staat dit nog vrij, Men is verheugd in hunne dagen, Men schept veel vreugd en kibbelarij.

2. Och was ik van die dwang genezen! Dank dan dat ik ben vrij daar van, Dan schijnt het hart jaloersch te wezen, En dat te wezen om een man.

3. Het huwelijk is voor mij een keten, Maar ben ik graag ontslagen waar, Och had ik dat wat eer geweten Wij werden dan gewis geen paar.

4. Een vrouw haar toorn raakt rasch gerezen, Gelukkig die vrij blijven kan, 't Moet voor een vrouw verdrietig wezen, Die zoo moet wachten op haar man.

5. Waar of hij is, waar mag hij blijven, Heeft op zijn hand een ander' maagd, Dan zoekt hij zoo zijn tijd te verdrijven, Terwijl zijn vrouw zoo op hem wacht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De lustige nachtegaal · Anoniem · Poetry Cove