Skip to content
1655

Bybelsche historie liedekens

Anoniem

Stem: t’Is heden een dagh der. Enoch behaeghde Godt seer wel, Ende hy wert wegh genomen, Boete was zijn bevel, Hy volbracht sonder schroomen, Naer dit wert gevonden hier, Onstraffelijck ende goedertier: Waerom in tijdt van tooren Was by Godt zijn genade groot, Hy en zijn Volck vloden de doodt, Als van Godts uytverkoren Hy en zijn Volck vloden de doodt, ‘t Verhoudt als elck aenschoude. Dat Godt de Werelt nu niet meer Met water verdoen en soude: En Abraham seer hoogh beroemt, Een Vader van veel volckx genoemt, Is een geensints gelijcke, En hiel dees Alderhoogsten Weth, Op het verbondt heeft hy gelet, Van Godt van Hemelrijcke.

Het wert in zijnen vleesche gesticht, Getrouw wert hy bevonden: Want de genade heeft hy verlicht, Die seer diep is om gronden, Den Heere beloofde hem een Eed, Dat hy de Heydenen seer vreet Soude gebenedijden. In zijn saedt, ‘t welck als aertrijcks stof Vermeeren soude tot Godts lof, In toekomende tijden. Gelijck des Hemels sterren klaer Soo sou hy verhooght wesen, Van d’een zijde tot d’ander voorwaer, Soude zijn erf dan wesen: Den selven zegen die Godt sprack, Bevestight in Isaac, Godt woude niet grammen Op Iacob die hy holp geheel, Hy gaf hem zegen in ‘t erfdeel, En scheyden in twaalf stammen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Bybelsche historie liedekens · Anoniem · Poetry Cove