2.
Zie mijn paard kijkt ook niet olijk,
Bijna hangt de snoet op straat,
Stomme knol hier is uw maat,
'K ben zo wel als gij niet vrolyk,
Men vergeet ons, goede knol,
Vast is weêr het hoofd op hol,
Vast is weêr het hoofd op hol:
'T fooitjen dat de klant gewoon is,
Geeft mij nog al zo wat moed,
Maar gij krijgt niet in uw' snoet,
Meer dan dagelijks uw loon is,
En dat 's maar een sober deel,
Want een sleeper geeft niet veel,
Die geeft niet veel
Die geeft niet veel.