't Verliefde meisjen.
Wijs: Voor u alleen schik ik deez' bloemen,
Uit de Opera, Blaise en Babet.
1.
O wreede min met wat al smarten,
Bestormt gij ons zodra gij wondt,
Gij martelt met uw dwang de harten,
En vleit ze tevens met uw' mond:
Gij wijst ons digt bebloemde paden,
Maar doet op scherpe doornen gaan;
Ginds, zegt ge, zult gij 't hart verzaden,
Maar och men komt er nimmer aan;
Maar och men komt er nimmer aan.