5.
Verwenscht de vinder onzer pligren!
Hij was de wreedste dwingeland;
Hij deed Natuur zelfs voor hem zwichten,
Deed haar een moeder zijn der schand.
Ernestus! ach mogt gij beseffen,
Het wreede van die dwinglandij;
Welhaast zou mijne klagt u treffen,
Ontrukte ik me aan de tirannij;
Ontrukte ik me aan de tirannij.