Skip to content
1750

Apollo's kermis-gift aan de Haagsche vermaaksgesinde jeugd. Deel 2

Anoniem

Stem: Hoe schoon ligt ons &c. DE misdaad, die my bragt hier in, Is, dat ik Laura teer bemin. Myn Regter is myn Vader.

Vind dit geval wel weder gaa. Waar toch verwagt men meer genaa, Wat regter is'er quader, Heeft hy,, Dan my

Zonder Liefde, Die hem griefde, Ongenegen. Tot syn lieven Zoon verkregen 2. Nogtans zoo beef en vrees ik al, Dat glory hem misleiden zal:

En wie regeert zyn zinnen? Wanneer een schoonheid ons verrast En dwingt ons met haar oogen vast Haar, boven al, te minnen.

Ik smeek,, Ey breek Uwen tooren.Wild my hooren. Myn gebedenSteunen op natuur en reden.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.