Skip to content
1750

Apollo,s kermis-gift aan de Haagsche vermaaks-gesinde jeugd. Deel 1

Anoniem

Stem: Banissons d'icy l' Humeur noire. PHillis toen gy laast door uw Gesangen Al de buurt deed aan u keeltje hangen. Phillis Wierd ik,, met schrik Haast vervuld, wijl gy My toelonkte van ter sy. Wierd. 2. Dese lonk en opslag van uw oogen Hadden op mijn Ziel een groot vermogen; Die schroom, en Toom Bragten aan myn lust: Die die Mond had graag gekust. 3. Na die Schroom was uyt myn Ziel geweken, Heeft myn Oog vrymoedig u bekeken: Ik dan,, vry van De al te wrede Dwang, Kuste d'een, en d'andre Wang:

4. ô Wat vreugd, in 't lesen van die Rosen: 't Kusje deed u koontjes beide blosen: Myn Ziel,, die hiel De Wagt voor uwe Mond, Of gy niet een zugje sond. 5. 'k Sal de Mond en lieve keel steeds roemen, Als een By' om Honing mind de Bloemen: Sing niet,, of bied My uw Mond, of Wang, 't Kusje voegd by Minne Sang.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.