Tegensang.
AL uwe reen zyn enkel wind,
Gy kend geen staat waar in men is, wanneer men regt bemind.
Door het minnen moet men leven;
Bacchus drank wil ik aan u graag geven,
Dog 'k ben hier in Ook van sin,
Dat staag by de koele Wyn
Een Juffer diend te zyn,
Waar mee
We ons hert, door Kussen en door Streelen stellen wel te vree.