Skip to content
1750

Apollo,s kermis-gift aan de Haagsche vermaaks-gesinde jeugd. Deel 1

Anoniem

Stem: Folie d'Espagne. CLimeen, ik heb door ted're in gedreven, U trouw bemind, gevierd en aagebe'en: Ik heb myn hert in uw geweld gegeven En min geen Nymph dan u alleen, Climeen.

2. Uw blinkend Oog vol schitterende vonken, Dat maakte my uw Slaaf en anders geen, Dat deed dat Vuur in myne borst ontvonken, Zo dat ik u bemin alleen, Climeen. 3. Uw straf gebod verbied m'helaas het minnen Maar 'k agt het niet, myn Engelin, ô neen! Doe 'k u eerst sag toen roofde gy myn Sinnen, Zoo dat ik u standvastig min, Climeen. 4. Geen frisse Beek sal oyt myn min verkoelen: Geen kille Stroom, nog Thetis brakke Ze'en: Maar 'k sal die steeds in myne boesem voelen, Want ik u min, en anders geen, Climeen. 5. Geen Nymph op Aard (hoe schoon) sal my bekoren, Maar 'k sal haar min met myne voeten tre'en. Ik wil alleen naar uwe Wetten horen; Want ik bemin u maar alleen, 6. Als gy myn min met wedermin suld loonen, Zo vliegen al myn rampen voor my heen, Als gy my met den Myrrhen Krans suld Kroonen So roep ik uyt, ik min alleen Climeen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.