Stemme: Spangelette reforme. PRaat wat Buurman, komt hier binne, ’t Is op Straat al wat te kout, Laat mijn reden u verwinnen,
Loop Meydt, haal wat turf en hout, En doet het vuur strack branden, Tsa wakker, legh maar aan, Men sou wel klippertanden Van langh dus hier te staan. 2Repje wat, en geeft hier strackjes Voor Gebuurtjen eens een stoel, Krijgh wat dunne drooge tackjes, Wat, dit vuur brant al te kael, Neen, leght dat wat bysonder; Wech met dit zware block, Soo soo, steeckt daer nu onder Een bosje zwavelstock. 3Nu begint het eerst te leven, Sie je wel, nu sel het vry Meerder hette van hem geven, Kom, ay! schick wat dichte by, Men kan op sulcke dagen Gelijck ’t nu zijn, de schijn Van ’t vuur seer wel verdragen, Het zy by bier of wijn.
4Ia dat ’s waer, hoor Willemijntje, Haest je wat, en kom voort hier, Daer is gelt, hael by Levijntje Reys een mingel Smokkel-bier, Ick wist niet wat my schorte, Kom, geef my hier de kan, Al sachjes met je storte, Men komt hier soo niet an. 5’t Is te kout om dus te drincken, ’t Moet hier eerst een lutje broen, Hey! wat leghje daar te klincken? W’hebben hier geen glas van doen; Men kan uyt sulcke pullen Veel beter na den eys, Sijn lege buyck op-vullen, Avoes, het geltje ’n reys. 6Drinck toch hartigh, waer na soeckje? Naer een pijp, mijn vriendt, sie daer, Om die post daer in dat hoeckje Staender drie vier by malkaar, Ik rook wel mee een poosje,
Lang mijnder ook een uyt, Heb jy wat in je doosje? Laat zien, wat is ’t veur kruyt. 7Proef of mijn Toback jou beter Dunckt te wezen in je zin, Pluys die pijp uyt met je veter, Daar is maar wat assen in, Maar anders isse suyver, Daar is de tang met vuur, Dit is maar voor een stuyver, Wat dunckt jou, is dat duur? 8Commandeer eens by de Tappers Om een pijntje aan Tobak, Zoo beschaffen jou die Snappers Wat in een petieltje strak, Daar men pas twee drie pijpen Af-stoppen kan, daar zy Dan noch wel een af-nijpen, En voegen haar al by. 9Maar ik wed dat ik die zuygers Nu voortaan wel wachten zel,
Want die onbeschofte Smuygers Kunnen my met heur gelel In ’t minste niet vermaken, Ook valt haar bier te duur, Ik moet het kroege staken, En blijven hier by ’t vuur. M. W. de Ionge.
Cookies on Poetry Cove