Skip to content
1655

Amsterdamsche Vreughde-stroom (Eerste deel)

Anoniem

Toon: Wat is het licken, licken, licken, &c. WEch met het viese, vasen, pasen, dwasen, Ydele pocchers van ’t gesoen, Laet dat de geyle Zatrys doen Komt wilt u lusjes soeter aesen, Sonder veel moeyte met gemac Laet ons gaen sitten by het viertjen, biertjen, ‘k Heb noch een doosjen in mijn sack, Met een pijp haghenevels Toback. 2Als ick mach de suyv’re pijpen, grijpen, nijpen, Isser mijn hert eerst recht verheught, Door ’t lurcken van Verinisse deught, Moeten de fluymen van my sijpen, Dies segh ick noch ghelijck als voor, Viva de Pijp, en ’t edel roocken, smoocken, Hebben een volle stoop by ’t oor, Die ’t niet en mach dat is een door. 3Wat heeft het pijpje sachte, machte, krachten Yder om het te suygen streelt, die ’t niet en heeft vaec daerom queelt Mannen, Vrouwen, by daegh en nachten, Sietmen met ’t pijpje besigh sijn, Yder wilt winnen, in het trecke, becken, Roemt van het soenen, roemt van de Wijn, ’t Pijpjen alleen is medicijn.

4Daer de Kus-jonckers, magre konen, tonen, En veeltijts met een kale kop, Sal de Toback en Ceres sop Ons met twee bolle kaken, belonen, Die niet en smoockt die is wel nars, ’t Pijpjen staegh tusschen beenen, lippen, stippen, Mannen, Vrouwen, Vrysters, hoe dus bars, Niemant wort ’t pijpje of suygen dwars.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Amsterdamsche Vreughde-stroom (Eerste deel) · Anoniem · Poetry Cove