Skip to content
1655

Amsterdamsche Vreughde-stroom (Eerste deel)

Anoniem

Toon: Non ha sotto il Ciel. OP wat losser grondt, Steunt mijn hoop, ach de knoop Van het dier verbondt,

Ghedaen mondt aen mondt, Is aen ’t glippen; wreede lippen Wilt de Vierschaer spannen In ’t bedeckt gemoet,

Wordt ick hier gebannen, Licht my vry de voet. 2Best een korte stoot Wtgestaen, vangh maer aen,

‘k Wensch na sulck een doodt, Soo ick die genoot Van u handen; nu de banden Van u zijn ghebroken,

Soo en spaer geen bloet, Ick sterf ongewroken, Licht my vry de voet. 3Nu ist stervens tijt,

Ick begeer, nimmermeer, Dat men u verwijt Dat ghy d’oorsaeck zijt; Maer mijn ooghen, ‘k ben bedrogen

Door twee held’re stralen, Van u lief ghesicht, Die my nu doen dwalen Best de voet gelicht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Amsterdamsche Vreughde-stroom (Eerste deel) · Anoniem · Poetry Cove