Skip to content
1637

Amsterdams minne-beekje. Deel 1

Anoniem

Stemme: Der Goden dwingelandt, &c. WEl Silvia mijn hart mijn soetheyt en mijn smart Siet hier u Coridon, Die met verlangen wacht, Mijn Engel en mijn Son Die leeft in mijn gedacht. 2 Ghy hebt alleen de kroon Ghy hebt dees harder schoon Gegeven soete dier, Inwendighlijck den brandt, Een swaer verborgen vyer, Ey' komt biedt onderstant.

3 Mijn Silvia, mijn ziel Hoe droevigh ick nu kniel Voor u ter aerden neer, Verwachtende gena Voldoet doch mijn begeer, Ick wensch na 't woortje, Ja. 4 Te droever waer 't begin Dat d'Harder sturf van min Soud u ach doch geen pijn O wreede Bosch-Goddin: Dat soo een valsch fenijn Mach woelen inde sin 5 Denckt ghy sult met (berou) Om dees u Harder trouw Noch suchten sucht op sucht, Als ick dus achter 't lant Gae doolen soo ter vlucht 't Sal zijn u groote schant. 6 De Harders Silvia Sullen u geven na Dat ghy de wreetste zijt, Int bosch-groene wout Ja sullen u tot spijt Noyt vyeren jongh noch out 7 Of ghy Arcaedsche maeght De wreetheyt wreed na jaeght Mijn schrickelijcke geest Sal waren, als ontsint, En maken u bevreest: Dus siet wat ghy begint. 8 Indien ick sterf hier af Soo stelt dan op mijn graf Hier onder leyt de geen Die trouheyt, heeft betoont En ick die bent alleen Die straflijck hem beloont. 9 En waer Goddinne waert, Ghy mijn hier opter aert Met wedermin verhiefd, En schuwen wreede wraeck, 't Is beter dus geliefd, Als een soo quade saeck.

10 Vaert wel Princes, en leeft Den hemel u doch geeft Bewegingh in u borst, En 't onbetemd gemoet Siet 'e zieltjen na u dorst, Die ghy nu sterven doet. Een in't hart.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Amsterdams minne-beekje. Deel 1 · Anoniem · Poetry Cove