Stemme: Fortuyn eylaes bedroeft, &c. JVffrouw! ick offer u geen gaven van waerdy, Maer tot een soet vermaeck dees slechte rymery, Dit rijmpje lieve Maeght? vernieuwt met vreught de tijt,
Hoe heden jarigh is dat ghy geboren zijt. 2 Geboren tot een pronck van d'Amstel en het Y, Ja tot verwonderingh is uwe deugts waerdy, Juffrouw, ontfangh van my, dit rijmpje, 't welck u groet, En toont u waerdigheyt de neygingh mijns gemoets. 3 Op Amsteldamsche Rey: Op Jufferlijck geslacht, Ciert hulssel en paruyck met Adelijcke pracht, Op Nymphjes van het Y, op Amstellandtsche Jeught, Vyer heden dese dagh met allerhande vreucht. 4 Apollo Rymers God, beheerscher vande Cunst, Stort, bidt ick) in mijn pen de volheyt van u gunst; Op-dat ick tot vermaeck in rijmpjes rymen mach Hoe dat het heden is mijn Juffrouws Jarigh-dagh 5 Juffrouw, ick wens voor loon u lieve gunst tot my, De oorsaeck van mijn wens, en van mijn rymery, Sijn d'oorsaeck dat ick u met soete vaersjes groet, Op heden Juffrouw, u geboort vermanen moet. 6 O dagh, o lieve dagh, o dagh van blye vreucht, O dach van vrolijckheyt, o dach die ons verheught, O dagh, o lieve dagh, mijn pen u blydschap tuyght. Wt wien dit wit papier gevoysde rijmpjes suyght.
7 Juffrou zaligh, en out wens ick u heden toe, Oock dat ick met mijn wensch ten vollen u voldoe, Juffrou goet ronts, goet Zeeuws, na d'Amsteldamschen aert, Vermaen ick u geboort, dies geef een groote Taert. I. H. Krul.
Cookies on Poetry Cove