Skip to content
1647

Amsteldamse vrolikheyt

Anoniem

Toon: Ie vous veus faire un present. L Vstig Makkers, slaet een hant Aen de Krans van Wijngaert-bladen; Geeft u stem om op de trant

Van Silenus Boom te baden: Siet ik stel het aldus in, yeder een sal tot begin Van de soete vreugt Der jeugt, Dus een Roemer lustig klaren, Sonder sparen; Wie, Dat die Niet en leegt, geen vreugt geschie.

2 De Wijn is immers wel, en soet; Waerom staje dus te daesen? Hy maekt ook goet jeugdig bloet, Lustig sla in sonder raesen: Lustje me'e een glaesje Bier? Met een pijpje Smooks drie, vier? Spreek, het is geree: Houdt stee, Want het woelen kan jou schaden, Laetje raden; Ey! Verbey,

Ik geef noch geen vry geley.

3 Het Vaetje dient reyn uyt-gevaegt, Eer de Borsten willen scheyen: Dies na geen vertrekken vraegt, Wilt de laetste drop verbeyen. Wakker aen, die achter blijft, Geen rechtschapen handel drijft: 't Moet nu also zijn, De Wijn, En het Bier zijn niet geschapen Voor de Apen: Dies, Verlies Nu geen tijt, en weest niet vies.

4 Buerman, van mijn een Troytje wacht, En wilt het dan soo voortbrengen, 't Wort om vrolijkheyt gewracht, Smijt de Fransman sonder plengen In jou lijf, ey! niet veel stort, Want men komt het vaek te kort: So, so, doet het met

Een set, Op dat gy noch schijnt te meugen Groote teugen: Dit gekit Op de rechte zetel sit.

By mijn keel, Ian Oom.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Amsteldamse vrolikheyt · Anoniem · Poetry Cove