2.
Zie wél toe, en wacht u voor 't berouwen;
Zie wél toe wat gy begint:
Want den Grooten mag men niet vertrouwen;
Eeden achten zy maar wind:
De Onderdaanen houden zy voor schóften,
Die gebonden zyn aan hun belóften,
Maar het Souvereine bloed,
Houdt zyn woord zo lang als 't voordeel doet.