45.
Aandoenlijk blijk van teed're broederliefde:
Afwisselend leeft Pollux op de' Olympus,
En in den schoot der aarde bij zijn broeder,
Met wien hij liever 't somber lot wil deelen,
Veel liever dan geheel een God te wezen.
Zoo stilt het broederhart zijn onvergeet'bren rouw.
Niets rukt wat ze eenmaal greep, weêr uit de hand der trouw!
Nemea X.