Skip to content
1882

Gedichten

Allard Pierson

27.

Als wij in 't minst niet schromen, Zien wij het ergste komen, Wij, speelbal van een God! Ook breekt er middagluister

Door schijnbaar nacht'lijk duister. o Schertsend Menschenlot! Met hoop en vrees van blinden, Die nooit het rechte vinden, Drijft gij gelijken spot. - Dus, vrienden, zoo ons 't Morgen Toch altijd blijft verborgen, Is angst en hopen zot. Wie 't Toeval stil laat zorgen, Heeft kansen op genot. Olympia XII. Men kan Bilderdijk's bearbeiding dezer Ode vinden in Deel 8, bl. 48 vgl. van de uitgave zijner Werken bij A.C. Kruseman.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Gedichten · Allard Pierson · Poetry Cove