Skip to content
1882

Gedichten

Allard Pierson

21.

Eens werd een stoet van de allerfierste paarden Voor Salomo op 't schoonst ten toon gesteld. Hoe de oogen op die eed'le dieren staarden! 't Uur des gebeds is reeds voorbijgesneld. Hij, nu hij 't merkt, beveelt de pezen door te snijden. Niets houde 't hart terug van zich aan God te wijden

Nu vloeit, nu gutst het bloed uit de open wonden! Meêdoogenloos gebroken werd hun kracht. Het offer heeft bij God genâ gevonden; 't Werd door den vorst met bloedend hart gebracht. Maar wat men Gode wijdt is nimmer weggeworpen: Der winden snelheid wordt door God hem onderworpen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Gedichten · Allard Pierson · Poetry Cove