Tegensang.
Wy, met Zeraphine Vlerken,
Juichen 't driemaal heilig lof
In het hoge Hemelhof,
Om Jehovaas wonderwerken,
Met een nooit gehoorden toon!
Dat sal ons veel beter cieren
Als te streven naar de kroon
Van geheiligde Lauwrieren.
Hem die 't roekeloos bestont,
Sal een gloet van Blixemslagen
Smakken in den helsen grond
Tot een Eeuwig zielenknaagen.
't Past dan, met een diep eerbied
Voor dien God, die alles siet,
Ons in geen bestuur te mengen,
Eer de ligte wieken sengen.