Skip to content
1653

Het bevel van Cupido

Albertus Ignatius Hanins

Stemme: Fortune que tu m’importune. CLorinde, O mijn wel-beminde! (Welckers soet gesicht Mijn’ smert’ en all’ mijn’ pijn verlicht) Uw’ schoone leden, En soete zeden, Sal ick met reden Prijsen door mijn dicht. 2. Catotjen,, ’t Kleyne Cupidôtjen Heeft mijn hert’ ghewondt: Ghy kondt het maken we’er ghesondt, En my ghenesen, Mijn’ helpster wesen, Mijn lief ghepresen, Door een trouw-verbondt. 3. Marietjen ‘k Sal oock flux een liedtjen Singhen t’uwer eer’,

’t Is waer dat ghy verdient veel meer: Maer weest te vreden, ‘k Sal meer besteden (Dan ick doe heden) Op een’ ander’ keer. 4. Vrindinnen, Die de dry Godinnen In schoonheyt verr’ ten achter-stelt! En voorspoedt mede, (Godt hoor mijn’ bede) Liefde wint ghewelt.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Het bevel van Cupido · Albertus Ignatius Hanins · Poetry Cove