Skip to content
1709

De rymwercken

Aernout Overbeke

Tegen den Reukeloosen.

1. Voor den Reukeloosen scheeten, (Dat 's geen proef die vast moet gaen) Laet den Aers dan open staen: Want soo sal men daedlijk weten, Als het Rookt, dat men schier kropt, Of zijn Snuyver is verstopt. 2. Is de Quijlgoot dan bedorven, Is dat snotterig Riool Dood, gelijk een doovekool, Is 'et 't leven uytgestorven? 'k Weet noch een Remedie: wat? Steektse in Elsjes warme Gat.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De rymwercken · Aernout Overbeke · Poetry Cove