Skip to content
1663

De psalmen Davids

Aernout Overbeke

Den Hymnus, Veni Redemptor gentium.

KOm aller Heyd'nen Heyl en Licht, Kom toon uw' heerlijck aengesicht, Laet al de Aerdt verwondert staen Hoe dat dit baren toe mach gaen.

2.Geen mans bloedt dat oyt oorsaeck is Geweest van sijn ontfanckenis, Hy is alleenigh door den Geest Ontfangen van een Maeght geweest.

3.Schoon dat Maria swanger wordt Soo blijft haer kuysheyt onverkort, De deught blinckt haer ten oogen uyt Dewijl sy Godt in haer besluyt.

4.Die op sijn tijdt haer lijf verlaet En in de ruyme werelt gaet, Als Godt en Mensche te gelijck Ontsluyt hy ons het Koninckrijck.

5.Van waer hy eerst voer na beneen Om sich met vleesch en bloedt te kleen, Hy daelde na de helsche poel En klom van daer na Godes Stoel.

6.Ghy die den Vader zijt gelijck, En Koning in het Hemelrijck, Voert neder in ons vleesch veracht Ons vleesch te geven nieuwe kracht.

7.Vw' Kribb' die vol van luyster is Schijnt voor ons in de duysternis, En uw geboort heeft ons gesicht Met glans en helderheyt verlicht. 3. Gloria.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De psalmen Davids · Aernout Overbeke · Poetry Cove