Skip to content
1663

De psalmen Davids

Aernout Overbeke

Een schoon geestelijck Morgen, en Avont-Liedt, om sich met de sijne Godt te bevelen.

U Zy in dese morgen Heer van my danck geseyt, Dat ghy met my uw sorgen En goedertierentheyt In dees voorlede nacht Soo trouw zijt by gebleven, En voor mijn ziel en leven Gestaen hebt op wacht. 2.Dat ick de Son sie stralen Met schitterend gesicht, En weer mach aessem halen In 't nieuwe Morgen-licht,

O Heer vergeef mijn schult Daer in ick ben bevonden, Straf my niet na mijn sonden, Maer oeffent uw' gedult. 3.Wilt Vader my behoeden In dees' aenstaende dagh, Dat Satan met sijn woeden My niet verslinden mach, Voor vuur, en waters-noot, Voor ongeluck, en schanden, Voor ketens, stricken, banden, En voor een snellen doodt. 4.Mijn lijf, mijn ziel, mijn leven, Mijn kind'ren, wijf, goed, eer, Die kom ick overgeven In uwe handen Heer, Mijn heele huysgesin, Mijn vrienden, vader, moeder, Bekenden, suster, broeder, En al wat ick bemin. 5.Laet oock uw Engel blijven Gestadigh aen mijn zy, Om Satan wech te drijven, Op dat hy niet aen my In dit bedroefde dal, Sijn list in 't werck mach stellen, Om lijf en ziel te quellen En brengen my ten val. 6.'k Beveel aen Godt mijn saken, Want hy vermach het al, Hy kan het daer mee maken

Soo 't hem believen sal Hy stuur sijn gunst my toe, En geef my goede sinnen, In 't geen ick mach beginnen, Dat ick 't met vreughden doe. 7.Hier op soo segh ick Amen, En twijffel niet daer aen Of Godt sal 't al te samen Na mijnen wensch doen gaen: Ick steeck dan uyt mijn hant, De Heer wil my verstercken In 't vorderen der wercken Van mijn beroep en stant.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De psalmen Davids · Aernout Overbeke · Poetry Cove