Psalmen.H.
HAest u Godt en help my uyt de noodt.203
Heer gedenck aen David en sijn leedt.387
Heer ghy weet dat ick my heel verlaet.205
Heer leght my in uw Tooren.13
Heer let op mijn gerechtigheyt.42
Heer om uw stercke krachten.56
Heer ons Godt die 't al gebiedt.18
Heer recht my na mijn vromigheyt.73
Heer u loven wy om dat u naem.220
Heer wils my niet in uwen toorn, &c.110
Heer wy hebben uyt ons' Vad'ren, &c.125
Helpft Godt in dees' benauewde tijdt.166
Het gantsche aerdtrijck en de geen.66
Het is seer goet te singen van Godts eer.269
Hoe lang, o Heer, hoe lang, houdt ghy.32
Hoe lang sal ick verlaten zijn.33
Hoe vermaeck'lijck zijn uw Hoven Heere.249
Hoe yder een mach woeden.179
Hoort als ick roep mijn stem, o Heer.9
Hoort Herder die als schapen 't zaet.240
Hoort mijn Godt als ick kom klagen.184
Hoort toe ghy volcken die op aerdt.141