Skip to content
1663

De psalmen Davids

Aernout Overbeke

Een ander Avont-Gebedt.

O Machtigh Godt die hebt gesticht Soo wel de duysternis als 't licht, De Son is van ons wech gegaen De swarte nacht komt weder aen.

2.De duyster heeft het al bedeckt, Maer ghy die ons een Son verstreckt Verlicht ons hert met uwen schijn, En wilt dees nacht ons schiltwacht zijn. 3.Al zijn ons' oogen mat en moe, En sluyten haer al sluym'rend toe, Soo maeck dat ons godvreesent hert Van vaeck noyt overrompelt wert. 4.Op dat in 't diepste van de nacht Het uw' mildadigheyt betracht, En onse slaep gematight zy, Op datse tot uw eer gedy. 5.Wy bidden om vergiffenis Van 't geen van daegh misdreven is, Dat Heer ons broosheyt u beweegh Die eerst de sonden bracht te weegh. 6.Sendt uwen Engel tot ons neer Dat hy den Satan van ons keer, De nacht die weyger' hem haer gunst Tot decksel van sijn swarte kunst. 7.Ons leden die sijn afgeslooft, Blijf by ons als ghy hebt belooft, Op dat na 't scheyden van de nacht Ons lichaem zy versterckt met kracht. 3. Gl.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De psalmen Davids · Aernout Overbeke · Poetry Cove