Een ander Avont-Gebedt.
O Machtigh Godt die hebt gesticht
Soo wel de duysternis als 't licht,
De Son is van ons wech gegaen
De swarte nacht komt weder aen.
2.De duyster heeft het al bedeckt,
Maer ghy die ons een Son verstreckt
Verlicht ons hert met uwen schijn,
En wilt dees nacht ons schiltwacht zijn.
3.Al zijn ons' oogen mat en moe,
En sluyten haer al sluym'rend toe,
Soo maeck dat ons godvreesent hert
Van vaeck noyt overrompelt wert.
4.Op dat in 't diepste van de nacht
Het uw' mildadigheyt betracht,
En onse slaep gematight zy,
Op datse tot uw eer gedy.
5.Wy bidden om vergiffenis
Van 't geen van daegh misdreven is,
Dat Heer ons broosheyt u beweegh
Die eerst de sonden bracht te weegh.
6.Sendt uwen Engel tot ons neer
Dat hy den Satan van ons keer,
De nacht die weyger' hem haer gunst
Tot decksel van sijn swarte kunst.
7.Ons leden die sijn afgeslooft,
Blijf by ons als ghy hebt belooft,
Op dat na 't scheyden van de nacht
Ons lichaem zy versterckt met kracht. 3. Gl.