Skip to content
1663

De psalmen Davids

Aernout Overbeke

Een Lof-sangh van de Geboorte onses Heeren Jesu Christi. D. M. L.

WEest welkom Iesu Godes Soon,

Ghy die verliet uw' eeuw'gen Troon, En voor een Maeght quaemt in de tijt, Des sich der Eng'len schaer verblijt. Heer ontfermt u onser. 2.Men vint den Heer der Heerlijckheyt Hier in een arme kribb' geleyt, Die alles heeft in sijne macht Heeft onse menscheyt niet veracht. Heer, &c. 3.Dien 't ruyme Aerdtrijck niet besloot, Leyt in Marias enge schoot, Die Aerdt en Hemel leven doet Die wert hier als een Kint gevoet. Heer, &c. 4.De Werelt krijght een nieuw gesicht Door 't opgaen van dit Eeuwigh Licht, 't Welck onser aller vyerbaeck is In 's werelts dicke duysternis. Heer, &c. 5.Godts Soon quam tot ons nederwaert Gelijck een Vreemdeling op aerd, Op dat wy door sijn nedrigheyt Ten Hemel werden ingeleyt. Heer, &c. 6.Hy quam tot ons verdruckt en arm Op dat hy onser sich ontfarm, En namaels in het Hemelrijck

Ons met sijn Eng'len maeck' gelijck. Heer, &c. 7.Soo hoogh heeft ons de Heer geschat, Soo seer heeft Godt ons lief gehad, Des zy hem eeuwigh danck geseyt Van sijn beminde Christenheyt. Heer, &c.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De psalmen Davids · Aernout Overbeke · Poetry Cove