Skip to content
1714

Leerzaame zinnebeelden

Adriaan Spinniker

Op het XLste zinnebeeld. Hoe meer men schept uit eenen put, Hoe beter vocht hy uit zal geeven, Dat mens en dieren komt te nut, Tot dienst en onderstand van 't leven. Maar staat hy stil en ongemoeid, Haast zullen zyne wat'ren stinken, Met vuile slym en slyk begroeid, En niet bekwaam zyn om te drinken. Dit leert bevinding stadig aan: Dies weet een ider wel te waaken, Op dat zyn put, door stil te staan, In zulken staat niet mag geraaken, Maar, dag'lyks menigmaal bezocht, Voldoe aan zyn' begeerte en wensen, En houde een fris en helder vocht, Tot nut gebruik voor vee en mensen. Ja schoon zomwylen menig vat Slechts op den grond wierd uitgegooten, Zo dat 'er van 't geschepte nat Geen dienst of voordeel wierd genooten, Hy achte die verkwisting nut, Als die hem grooter kwaad deed myden, Dat, door 't bederf van zynen put, Eerlang hem zeker stond te lyden. Terwyl dit beeld voor de oogen leit, Zien we ons uit die bespiegelingen Een' zoete bron van nuttigheid En leering voor 't gemoed ontspringen. De put verbeeld het aardse goed. Is dat gestadig in 't beweegen Tot dienst van nood en arremoed,

Zo is het een g[e]wenste zegen, Zo brengt het nut en voordeel aan, Zo kan het zyn' bestuurders geeven Een' bron van heil, wiens wat'ren gaan En springen tot in 't eeuwig leven Maar blyft die put onaangeraakt, Hy zal vervuilen en bederven, Zo dat zyn' heer daar uit genaakt Het droevig lot van eeuwig sterven, Verstooten in den diepen put Van knaagend hertzeer en elende, Waar in geen grond den zinker stut, En 't onheil paalen kent noch ende. O Mens, die steeds een' neiging voed, En wenst, en haakt met hert en zinnen, Om uwen put van schat en goed Te doen vermeerderen en winnen, Zie hier een Simsons kaakebeen, Een' Mozes staf voor u ontdekken, Om uit den harden grond of steen Een' ryke waterwel te wekken, Die hier uw' schatput rein behoed, En naderhand doet overvloeijen, En tot een' beek, ja zee van goed En onwaardeerb'ren zegen groeijen. Dat 's vaardige milddaadigheid, Waar aan het woord van Gods belooven Die groote kracht heeft toegezeid; By Jezus, als hy daalt van boven, Gezeteld op het luchtgewelf, Zo hoog te schatten, en te pryzen, Als had hy waarlyk aan zich zelv' Haar' liefdewerking zien bewyzen. Wel aan, wingierig hert, wel aan,

Laat voordeel u de hand doen reppen, Om uit uw' put gestadig aan Tot dienst van uwen Heer te scheppen. Schep ryklyk, schep met lust en vreugd, Van zorg en bange vreeze ontheven, Dat zal meer glans aan uwe deugd, En u te meerder zegen geeven. Al zagt ge uw' haaf zomtyds besteên Aan eenig mens van slechte waarde, Zo dat gy vruchtloos, naar het scheen, Stortte uwe wat'ren over de aarde, Dat kwelle uw hert met geen verdriet, Noch moet in weldoen u verhind'ren, Dewyl het uw' vergelding niet In 't allerminste kan vermind'ren. Wel aan, wingierig hert, wel aan, Laat uwen put niet stille staan.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Leerzaame zinnebeelden · Adriaan Spinniker · Poetry Cove