Uit de vlam.
Want gy ziet uwe roeping, broeders, dat [gy] niet veele wyze [zyt] naar het vlees, niet veele machtige, niet veele edele. Maar het dwaaze der waereld heeft God uitverkooren, op dat hy de wyze beschaamen zoude: en het zwakke der waereld heeft God uitverkooren, op dat hy het sterke zoude beschaamen. En het onedele der waereld, en het verachte heeft God uitverkooren, en het geen niet is, op dat hy't geen [iet] is, te niet zoude maaken. Op dat geen vlees zoude roemen voor hem. 1Kor.i.26,27,28,29.