Skip to content
1766

CL geestlyke gezangen

Abdias Velingius

CXXXIX Lied. Voize Psalm VIIII.

1 De dag is heen, wil by m'o Jesus bly-

ven: O Ziel licht! wil der Zonden nacht verdryven: Ach! dat Uw glans, o Heil- zon! my verblyd'; Verlicht myn Ziel, o Heer! 't is meer dan tyd. 2 U zeg ik dank, myn God! in all' myn wegen, In al myn doen schonkt Gy my Uwen zegen: Uw wil o Heer! schoon ik dien niet versta, Is altoos recht, het ga dan hoe het ga. 3 Dit maar alleen, dit maakt my noch e-

lendig, Dat ik in 't goed zoo vaak ben on- bestendig: Dit weet Gy wel, Gy die de nieren proeft; Ik struikel, als een kind, dat hulp behoeft. 4 Vergeef my 't kwaad, in myne Ziel verholen, De waereld, zond' en duivel doen my dolen: Ik heb berouw: daar is myn hand, o Heer! Zyt Gy de myn', zoo ben ik d'Uwe weêr! 5 O Isrels heil! myn herder! myn ont-

fermer! Gord aan Uw zwaard, myn Troo- ster! myn Beschermer! Bewaar my door Uw onverwinbre magt, Als Belial op my- ne Ziel maakt jacht. 6 Al rusten wy, geen slaap kan U bevan- gen: Laat in den slaap myn Ziel het goed' erlangen: Ach dat Uw licht, o Heilzon! my omscheen! 'k Verlaat U niet, myn Rots! de dag is heen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
CL geestlyke gezangen · Abdias Velingius · Poetry Cove